Matchen
Goed in je vak is één ding. Op je plaats zitten is het andere.
Kandidaat en werkgever beantwoorden hetzelfde soort vragen. Uit de twee uitslagen samen volgt een matchpercentage, als richtlijn voor een gesprek.
Hoe we matchen
Iemand kan uitstekend zijn in zijn vak en toch niet op zijn plaats zitten, omdat de manier van werken niet past bij de manier waarop een bedrijf werkt. Dat heet in de arbeidspsychologie "person-organization fit", en het is een van de best onderzochte onderwerpen in het vak: mensen die goed passen bij hun werkgever zijn merkbaar tevredener en blijven merkbaar langer.
Avodara vraagt daarom aan beide kanten hetzelfde soort vragen. Een kandidaat doet de kleurentest, gebaseerd op vier herkenbare werkstijlen. Een werkgever beantwoordt dezelfde vragen over de eigen bedrijfscultuur, gebaseerd op het Kwadrantenmodel van Cameron en Quinn, een gevestigd model uit de organisatiepsychologie. Uit de twee uitslagen samen berekenen we een matchpercentage.
We zijn eerlijk over de grenzen. Een matchpercentage zegt iets over werkstijl en sfeer, niets over vakkennis of ervaring; het is een richtlijn voor een gesprek, geen garantie. De MBTI die een kandidaat ook kan invullen, geeft extra inzicht in hoe iemand denkt en beslist, maar telt bewust niet mee in het matchpercentage: wetenschappelijk onderzoek toont voor dat model een zwakkere en minder stabiele samenhang met werksucces dan voor de kleurentest en de bedrijfscultuur.
Waarop dit steunt
- Person-organization fit: Kristof-Brown e.a. (2005), meta-analyse over duizenden werknemers, verband met tevredenheid en verloop.
- Kwadrantenmodel van bedrijfscultuur: Cameron en Quinn, Diagnosing and Changing Organizational Culture, veelgebruikt in organisatieonderzoek.
- MBTI als aanvullend inzicht, niet als meetlat: gepubliceerde overzichten wijzen op een wisselvallige betrouwbaarheid bij herhaling.
Zet je gegevens één keer goed. Daarna kloppen ze.
Een profiel maken duurt een paar minuten. Je kiest zelf wie het ziet.